Geen instituut, maar gewoon wonen met zorg dichtbij
De ouderenzorg is volop in beweging. Ook in De Bothoven verandert het beeld: waar vroeger het verzorgingshuis een vanzelfsprekende stap was, gaat de aandacht nu naar langer zelfstandig wonen, met zorg dichtbij en oog voor samenleven in de wijk. Die visie krijgt in De Bothoven een zichtbare uitwerking. Op het terrein van Korteland worden de komende jaren grote veranderingen voorbereid. De bestaande bebouwing maakt op termijn plaats voor drie nieuwe appartementencomplexen. In gesprek met wijkkrant De Bothoven schetst Heidi Pot-Witbreuk, voorzitter van de Raad van Bestuur van Liberein, hoe die verandering er concreet uit gaat zien voor bewoners.
Van zorgen voor naar zorgen dat
‘Mensen willen hun leven blijven leiden zoals ze dat gewend zijn’, zegt Pot-Witbreuk. ‘Niet hun koffertje pakken zodra ze 65 worden om in een verzorgingshuis te gaan wonen, maar zo lang mogelijk zelf bepalen hoe en waar ze wonen.’ Die wens sluit aan bij een bredere maatschappelijke ontwikkeling. Nederland vergrijst, mensen worden ouder en zorgvragen worden complexer. Tegelijkertijd is er een tekort aan zorgpersoneel en mogen er landelijk geen extra verpleeghuisbedden bijkomen. Dat vraagt om andere oplossingen.
Liberein kiest daarom nadrukkelijk voor het versterken van zelfredzaamheid en eigen regie. Zorg wordt, waar mogelijk, ‘extramuraal’ georganiseerd: thuis, achter de eigen voordeur. Verpleeghuiszorg blijft natuurlijk beschikbaar voor mensen die het écht nodig hebben. ‘Niet alles is een medische vraag’, benadrukt Pot-Witbreuk. ‘Vaak gaat het om ondersteuning, om gezien worden, om weten dat er iemand is als je dat nodig hebt.’
Wonen met voorzieningen dichtbij
De nieuwbouw gaat nadrukkelijk niet om nieuwe zorginstellingen. ‘We bouwen geen instituten’, zegt Heidi Pot-Witbreuk. ‘Het worden gewone appartementen waar mensen zelfstandig wonen. Het verschil is dat zorg, eten en voorzieningen dichtbij zijn, in dit geval in het gebouw de Eschpoort.’ Het terrein zal daarnaast ‘groener’ worden, zodat een parkachtige setting ontstaat waar mensen elkaar kunnen ontmoeten. De bouw gebeurt in fases. Eerst wordt er nieuw gebouwd, pas daarna gesloopt. Een belangrijk punt voor de huidige bewoners: zij kunnen daardoor direct verhuizen op eigen terrein, zonder tijdelijke tussenwoning. Uiteindelijk komen er meer woningen terug dan er nu zijn. Daarmee draagt de ontwikkeling ook direct bij aan de woningopgave in de wijk.
Open voor de wijk
Liberein wil geen eiland vormen in de buurt. Het terrein en de gebouwen blijven open. Bewoners van De Bothoven maken nu al gebruik van het restaurant, de winkel en andere voorzieningen. Dat blijft in de toekomst ook zo. ‘We zien dit als een woonzorgzone’, legt Pot-Witbreuk uit. ‘Niet alleen voor mensen met een zorgvraag, maar juist ook voor vitale ouderen en buurtbewoners die iets voor elkaar kunnen betekenen.’ Dat ‘iets voor elkaar betekenen’ is geen vrijblijvende slogan. Samenredzaamheid vormt een kernbegrip in de plannen. Niet alles hoeft door zorgprofessionals te worden gedaan. Soms kan een buurman meegaan naar het ziekenhuis of een boodschap meenemen. Dat verlicht ook de druk op mantelzorgers, die vaak overbelast zijn. Ontmoeten zonder labels. Ook het ontmoetingswerk verandert. Waar mensen vroeger op basis van indicaties werden gescheiden, kiest Liberein nu voor gemengde ontmoetingsgroepen. Mensen met een WLZ-indicatie, een WMO-indicatie en buurtbewoners zonder indicatie komen samen. ‘Het maakt mensen niet uit onder welke wet ze vallen’, zegt Pot-Witbreuk. ‘Ze willen elkaar ontmoeten.’ In de huidige locatie loopt al een proef waarbij dit in de praktijk gebeurt. Het aanbod ontstaat deels vanzelf: spelmiddagen, gezamenlijke activiteiten en initiatieven die vanuit bewoners zelf groeien. Samenwerking met partners zoals Alifa en de gemeente is daarbij essentieel. Niet om alles opnieuw te verzinnen, maar om bestaande initiatieven met elkaar te verbinden.
Twee huisartsenpraktijken
Een opvallend onderdeel van de plannen is de komst van twee huisartsenpraktijken in het eerste nieuwbouwgebouw. In een stad waar een tekort aan huisartsen is, is dat belangrijk nieuws. Door huisartsen, wijkverpleging en specialisten ouderengeneeskunde dichter bij elkaar te brengen, kan zorg slimmer worden georganiseerd. ‘Zo helpen we elkaar’, zegt Pot-Witbreuk. ‘En voorkomen we onnodige druk op de huisartsenzorg.’
Minder zorg, meer leven
De veranderingen in De Bothoven passen in een bredere ontwikkeling in de ouderenzorg. Minder institutioneel, meer thuis. Minder overnemen, meer ondersteunen. ‘Als we investeren in sociale verbinding, voorkomen we dat alles een zorgvraag wordt’, besluit Pot-Witbreuk. ‘Dat draagt bij aan welzijn, aan kwaliteit van leven en aan een toekomstbestendige zorg.’ Voor De Bothoven betekent dat een zorgorganisatie die niet aan de rand van de wijk staat, maar er middenin. Als plek om te wonen, te ontmoeten en samen oud te worden.